Papendal is sinds de jaren zeventig dé locatie in Nederland voor de topsport. Na de succesvol verlopen Olympische Spelen van Sydney in 2000 werd besloten om het centrum grondig te vernieuwen. Het Masterplan vormt sindsdien een stabiele basis om het terrein aan te passen en uit te bouwen tot een volwaardig Olympic Training Center.
Het Masterplan verdeelt het terrein in een noord- en zuidkant. Aan de noordzijde, nabij de entree van het complex, is ruimte voor de bebouwing. Bestaande gebouwen zijn aan de zuidrand juist verwijderd. Het areaal bos is hier uitgebreid en biedt zo ruimte aan een ecologische verbinding van de Veluwe naar de Rijn.
De noordelijke bebouwing met sporthallen, een opleidingscentrum, een onderzoeksinstituut, een hotel en het congrescentrum is geclusterd langs een sportstrip. De herkenbare strip vormt een lange loop- en trainingsroute van oost naar west over het gehele terrein. Alle gebouwen staan ten noorden van de strip en zijn los geplaatst temidden van de bomen en het bos. Aan de zuidzijde van de strip liggen de parkeervelden, trainingsvelden en een atletiekbaan als ruime kamers in het bos. De aanleg van een pitch & putt baan in het centrum van Papendal geeft vanaf de strip lange zichten naar de verte over de glooiende rand van de stuwwal.
Papendal is inmiddels uitgegroeid tot de grootste van vijf TeamNL-centra in Nederland. Dagelijks maken 550 topsporters gebruik van de trainingsfaciliteiten in de gebouwen én in de buitenlucht.
De jarenlange betrokkenheid en de uitwerkingen voor tal van onderdelen van het masterplan, zoals de inpassing van de sprinthal, het trainingscomplex voor Vitesse en de parkeerplaats bij het congrescentrum, maken van Papendal een uitzonderlijk project.
locatie
Arnhem
opdrachtgever
NOC*NSF
i.s.m.
Alies Rommerts, Hooper Architects, SmitsRinsma
opgave
masterplan, diverse inrichtingsplannen
periode
1996-heden
De herkenbare strip vormt een lange loop- en trainingsroute van oost naar west over het gehele terrein.